Verbeter deze website!
Login voor het toevoegen van reisverhalen, uploaden foto's, uitnodigen reizigers of een video te sturen.
Andere interessante sites

reisverhaal

Naam Reisverhaal:reisverhaal

Vorig jaar hebben we in Namibie de smaak van het rondreizen pas echt te pakken gekregen. Omdat ik zelf niet van grote groepen hou en we reizen met een kind ga we liever een beetje alleen op rondreis. Om toch enkele zekerheden te hebben laten we graag bepaalde uitstappen en hotels op voorhand vastleggen. Zo kwamen we terecht bij de Nederlandse reisorganisatie Vietnam-online, onderdeel van Riksja. Deze organisatie bied reizen aan op maat, individueel terwijl zij samen met jou veel op voorhand regelen. Je hebt inspraak in de uitstappen, hotels en manier van verplaatsen zodat je alles op eigen tempo kan doen en je alleen datgene gaat bekijken wat je echt wil zien. Dit is ons goed bevallen, alles was in orde en ik kan het iedereen aanraden die op deze manier wil reizen. Hieronder ga ik een poging doen om een goede beschrijving te geven van onze drie weken door Vietnam.

Zondag 04/08/2008

Om 7u loopt de wekker maar natuurlijk lig ik al eventjes wakker. We maken ons klaar en vertrekken met de wagen richting Schiphol. Het is een rit van iets meer dan 2u maar dat kan geen kwaad, we zijn ruim op tijd vertrokken en onze plaatsje op de parking is lang op voorhand geregeld. Je kan op Schiphol voordelig lang-parkeren op parking P3 en dit door gewoon op voorhand te boeken via internet (100€ voor 3 weken). De rit verloopt zonder problemen en we staan dan ook vlug in de vertrekhal. De vlucht vertrekt op tijd. We vliegen in ongeveer 14u via Hong Kong naar Hanoi in Vietnam.

Maandag 05/08/2008

Na een lange reis komen we aan in Hanoi en gelukkig staat er een chauffeur van het hotel op ons te wachten. De eerste indrukken zijn overweldigend. Enorme drukte, en een zwoele, hete en vooral vochtige warmte. De rit van de luchthaven naar het hotel duurt ongeveer een half uurtje en onderweg krijgen we enkele typische Vietnamese taferelen te zien: de mensen op het veld met hun typerende conische hoeden op, en natuurlijk………….de ontelbare brommertjes op straat. Wanneer we aan ons hotel komen kijken we onze ogen uit. Het hotel is een klein, smal gebouw gelegen in de meest drukke buurt van Hanoi: het Old Quarter. Uitstappen is hier een levensgevaarlijke bezigheid en oversteken met zware rugzakken is vragen om problemen. Op één of andere manier lukt het ons toch en komen we in ons hotel. Binnen is het interieur typisch Vietnamees en de patroon verwelkomt ons zonder veel poespas. We mogen direct op onze kamer die eenvoudig maar proper is, meer dan goed genoeg voor ons. Beneden in ons hotel is de touroperator Queen Travel (zelfde naam als het hotel) en dit is één van de betere organisaties in Hanoi om uw excursies en vliegtickets te boeken. Vietnamonline heeft hier ook onze excursies geboekt dus we zitten handig dicht bij de bron. We bekomen even van de reis en gaan dan de stad verkennen. Buiten razen de brommers vervaarlijk dicht tegen ons voorbij maar het went snel en we wandelen onvervaard door de straten van het Old Quarter. Overal zijn er winkeltjes, en natuurlijk de typische kleine gaarkeukens waar je voor weinig geld een simpele maar goed maaltijd kan gebruiken. Mensen zitten op straat te eten op kleine plastic stoeltjes, meestal noedels, noedelsoep of een andere vorm van dit gerecht. We drinken iets in de bar waar ze naast het plaatselijke Tiger Beer ook Stella, Leffe en zelfs Hoegaarden hebben. Terug op straat mag largo ondervinden hoe zwaar de typische Vietnamese manden wegen waarmee de vrouwen hier op de schouders lopen. De manden hangen aan een stok die op de schouders wordt voort gedragen. De inhoud varieert van bananen en ander soort fruit tot de meest onmogelijke dingen. We eten in een restaurant dat ons is aangeraden: de 69 in de Ma May street. Heerlijke 69 soep vol scampi’s en andere lekkere dingen. Daarna vis bereid op typisch Hanoi’se wijze met noedels en rijst en dit alles voor de prijs van ci 8€/pp incl drank. De reis is goed begonnen en nu slapen maar.

 

Dinsdag 06/08/2008

Vandaag de eerste echte dag van de reis. Na het simpele maar goed ontbijt verlaten we het hotel en nemen een taxi naar het mausoleum van Ho Chi Mingh, de grote Vietnamese leider. De Vietnamezen dragen hun leider op handen en het is dan ook een beetje raar dat hij hier in dit mausoleum in Hanoi ligt want de grote leider had gevraagd om zijn as te bewaren op de drie grote bergen in Vietnam in het noorden, het centrum en het zuiden van het land. De leiders van de communistische partij beslisten er echter anders over en nu ligt hij hier in een grote, vierkanten stenen bunker. Het gebalsemde lichaam is elke dag te bekijken van 7.30u tot 10.30u (kom ruim op tijd) behalve in de maanden oktober en november want dan wordt het gebalsemde lichaam opnieuw behandeld.  Vanaf het grote grasplein voor het mausoleum, waarop een groot aantal vrouwen met de typische conische hoed aan het werk zijn, zie je de menigte toeristen al geduldig in lange rijen staan en wachten tot ze één voor één binnen mogen. Elke groep wordt vergezeld door een bewaker en het is verboden foto’s te maken (je moet alle bagage incl camera afgeven) en je mag niet praten of blijven stilstaan. We hebben een uur staan wachten in een onmogelijke hitte om daarna ongeveer een minuut in het mausoleum te zijn maar toch was dit zeer de moeite. Het respect en de eerbied die de Vietnamezen hun vroegere leider toedienen maakt indruk. Ho Chi Mingh zelf ligt vredig in een glazen kist tussen 4 wachters en geeft een ietwat oranje kleurtje. Na het bezoek kan je je bagage terug gaan ophalen en een kijkje nemen in het vlakbij gelegen museum. Naast foto’s en standbeelden van de grote leider kan je hier oorlogsfoto’s en documenten bekijken maar het interieur komt een beetje kitscherig en potsierlijk over. Beneden kan je dan iets drinken en even verfrissen. Het museum is open van 8u tot 11.00u en van 13.30u tot 16.00u. Naast het museum bekijken we de pagode met één pilaar die gelegen is in een mooie vijver vol lotusbloemen.

 Wanneer we buiten wandelen nemen we een typisch Vietnamees vervoermiddel: de fietsriksja. Deze fietsen met een kar ervoor zie je overal rondrijden en is een leuke manier om de stad te verkennen (voor diegene die niet moet trappen toch), zeker als het zo warm is maar je moet wel op voorhand een duidelijke prijs afspreken. We rijden een tijdje rond en laten ons afzetten aan het westelijke meer. Hier vinden we een lokale markt en dat is altijd één van de leukste dingen om te doen in een vreemd land. Varkenskoppen, darmen, ogen, alle soorten vlees en ingewanden liggen er rustig tussen vis, padden ,slakken en andere lekkernijen, dit bij een temperatuur van ongeveer 34 graden! De geur is altijd doordringend op dit soort markten maar je bent er wel echt tussen de plaatselijke bevolking. Later wandelen we rond het meer en stoppen bij enkele jonge Vietnamezen die staan te vissen. Met een gewone houten stok en een haak vissen ze in het meer. Wanneer ze een grote vis hebben verdwijnt die in een plastic zak waarna één van de restauranthouders uit de buurt ze komt ophalen. Het rare was dat er heel veel stekelbaars werd bovengehaald. Bij ons worden die beesten meestal terug in het water gegooid maar niet in Vietnam. Hier kloppen ze die beesten enkele keren met hun kop tegen de stenen waarna ze achteloos op de straat worden gegooid. Raar zicht een straat vol vis, de katten hier hebben zeker geen honger. Wanneer we verder wandelen zien we 2 kleine jonge hondjes in een wel heel verdacht klein hokje zitten. De eigenaar is niet te zien maar ze zitten buiten vlak voor een guur en obscuur uitziend restaurant. Zijn deze honden huisdieren of…………….? We willen het niet weten en wandelen verder.  We eten weer in de 69 en gaan daarna naar het Hoan Kiem meer. We bekijken de schilpaddenpagode, zien de brug van de rijzende zon en bezoeken de Den Ngoc tempel. Buiten aan de tempel zitten oude manen luidruchtig een Vietnamese variant van schaken of dammen te spelen. We gaan tickets kopen voor het waterpoppentheater en ondanks dat je overal hoort en leest dat je niet moet reserveren zijn alle voorstellingen uitverkocht. Meer zelfs: de eerste twee dagen zijn er geen plaatsen meer. We kopen dan maar kaartjes voor volgende week.

 

Woensdag 07/08/2008

Vandaag moet een eerste hoogtepunt van de reis worden. We gaan naar Halong bay en blijven daar een nachtje slapen. Halong Bay is wereldberoemd geworden door de film “Indochine”. De baai staat op de werelderfgoedlijst van Unesco. Bergen in alle vormen en formaten steken hier boven de zee uit. Het groene water, het bergmassief dat als het ware uit de zee steekt en de (relatieve) rust zorgen, ondanks de massa toeristen, voor een rustige en ingetogen sfeer.

Wanneer het busje ons komt ophalen om naar de baai de rijden maken we kennis met twee toffe Nederlanders (echt waar ze bestaan!). Peter en David gaan mee en we beginnen aan onze rit van ci. 3u naar de baai. Onderweg is duidelijk dat Vietnam een mooi land is op gebied van natuur maar dat langs de grote wegen niks te zien is. Ik krijg de indruk dat de mensen hier zoveel van het toerisme verwachten, het land is pas ongeveer 10 jaar geleden geopend voor westerlingen, dat iedereen er een eigen zaakje voor begonnen is. Overal zie je hetzelfde winkeltje met dezelfde dingen erin. Meestal een rek of koelkast met een paar blikjes of flesjes drank erin. De mensen zelf zitten er gelaten bij of hangen in hun hangmat.

Wanneer we aan de haven waar de boten op ons liggen wachten aankomen neemt de kapitein onze pasporten mee ter controle en even later varen we met een kleine boot naar de grote boot waar we twee dagen op zullen verblijven. We hadden wel een proper ding verwacht maar als we aan boord komen kijken we toch even onze ogen uit. Mooi gedekte tafels, wijnglazen op tafel en vooral…….stralend weer. Ook de kajuiten waar we deze nacht gaan slapen zijn dik in orde. We trekken vlug andere kleren aan en gaan boven op het dek in de zon liggen. Dit hou ik een recordtijd vol: ongeveer 5min. Veel te warm dus weer naar beneden. Ondertussen zijn er nog 2 fransen en 2 russen bijgekomen, de bemanning is compleet dus we vertrekken. We worden binnen geroepen om aan tafel te gaan en dan begint het feestmaal: krab, tijgergarnalen, vis, inktvis, een soort oesters,…..noem maar op. Veel te veel om op te noemen.

Na het voortreffelijke maal meert de boot aan en gaan we met een kleine boot een enorme grot bezoeken. De Sung Sot grot is één van de drukst bezochte grotten (60cent inkom). De grot zelf is volledig ingericht en de verschillende gekleurde lampen nemen alle schoonheid weg. Het mooiste aan deze grot is het uitkijktorentje waar je aan het eind van de wandeling uitkomt en vanwaar je een enorm mooi uitzicht hebt over Halong bay en de aangemeerde boten.

Wanneer we buiten komen regent het maar gelukkig niet lang en een uurtje later varen we alweer op het helder groene water richting een rots waarin onderaan een kleine doorgang is. Je vaart met een kleine boot letterlijk onder de berg. Eens je door het gat bent kom je in een onwerkelijke omgeving. We zijn langs alle kanten omringt door dichtbegroeide bergen. Het helder groene water, de prachtige, ingesloten omgeving en de stilte, als de toeristen even zwijgen tenminste, maken van deze plaats een topper!

Terug op de boot is het zwemmen geblazen en natuurlijk is Largo de eerste die van de rand van de boot in het warme, groene water springt. Ik spring er lenig, gezwind en galant achteraan (denk ik). Daarna weer eten (vis natuurlijk) en dan vissen. Ik hoop dat de visser voorraad heeft meegebracht want anders hebben we morgen honger. We vangen niks! Het enige dat voorbij onze dobber passeert is een enorme kwal (en het was niet één van die nederlanders). Na enkele whiskey’s is het snel tijd om te gaan slapen en wanneer ik buiten kijk is het een onwerkelijk zicht. De donkere baai, de schaduwen van de bergen en de kleine lichtjes van de boten die hier in de baai liggen.

 

Donderdag 08/08/2008

Vandaag weinig te beleven want het is rotweer! Normaal zouden we een eiland gaan bezoeken en daarna kajakken maar niks van dit alles. De schipper blijft nog een uurtje afwachten maar beslist dan toch om terug naar de haven te keren. De eerste tyfoon van het jaar is op komst en uiteraard wordt er geen risico genomen. Terug naar de haven dus, de bus op en weer naar Hanoi. We nemen afscheid van onze Nederlandse vrienden en na een douche wandelen we weer door Hanoi. We wandelen weer langs het Hoan Kiem. Hoan kiem betekend teruggeven zwaard. Een legende uit de 15e eeuw vertelt dat Le Loi, een arme visser, een magisch zwaard had gekregen van de heilige schildpad van het meer, om het koningrijk te verdedigen tegen de Ming aanvallers. Hij behaalde samen met het Vietnamese volk een hele reeks overwinningen en het zwaard deed geruime tijd dienst tegen de chinezen. Toen de keizer echter op een bepaalde dag langs het meer wandelde wipte het zwaard uit de schede en werd meegetrokken naar de bodem van het meer door een reuzenschildpad. Vreemd genoeg werd enkele jaren geleden een enorm schild van een gewonde schilpad uit het meer gehaald. De legende blijft dus voort leven…………

Vrijdag 09/08/2008

Iets langer geslapen want vanavond nemen we de nachttrein naar Sapa in het noorden. We lopen rond in een redelijk groot winkelcentrum en gaan daarna naar de Hoa Lo gevangenis. De fransen bouwden deze gevangenis eind 1800 maar ook Amerikaanse gevangenen hebben hier gezeten. Zij hebben de gevangenis zijn bijnaam Hanoi Hilton gegeven. De gevangenis was oorspronkelijk bedoeld als gevangenis voor politieke gevangen in de periode dat de fransen in Vietnam baas waren. Tijdens de oorlog met Amerika werden gevangengenomen Amerikaanse piloten hier opgesloten. Doordat de gevangenis in het centrum van Hanoi ligt dachten de Vietnamezen te kunnen ontsnappen aan de bombardementen door hier Amerikanen onder te brengen. Het is nog gelukt ook want Hanoi is één van de steden die betrekkelijk goed zijn weggekomen.

Men kan hier levensechte beelden zien die het leven in de gevangenis goed ten toon stellen. Je kan de originele, klein cellen bekijken en het meest morbide is wellicht de guillotine. Deze guillotine is laats gebruikt in 1953. De mand waar de hoofden in werden opgevangen staat er trouwens naast.

Na deze vrolijke en billenkletsende uitstap (was wel heel interessant hoor) hebben we honger en eten we in restaurant Golden Land. Lekker!

20.00u en we vertrekken met het busje naar het station waar we de nachttrein naar Sapa nemen. We reizen samen met 6 andere Belgen, maken even kennis en al vlug zijn we aan het station. De 6 andere mogen onmiddellijk op de trein en wij……………moeten wachten. Blijkt dat de kerel van de touroperator onze tickets is vergeten. De man breekt het record op de 100m en spurt naar buiten om terug naar het bureau onze tickets te gaan ophalen. Wij zitten rustig en kalm te wachten maar als hij terug is zijn al mijn nagels afgebeten. Hij is echter nog ruim op tijd en daar gaan we dan. De coupé’s van de trein zijn niet al te proper en redelijk klein maar hé…dat geeft niks want er staan 4 bedden en wij zijn maar met 3. we hopen dat het laatste bed vrij blijft zodat we met ons gezin alleen liggen. De andere 6 belgen zijn we ondertussen kwijt maar uiteindelijk vertrekt de trein en wij zitten erop.

De controleur komt even kijken, spreekt geen woord Engels en sluit de deur terug. Even later komt er een oudere Chinese dame binnen, kruipt op het bed boven me en draait zich om. We liggen dus toch niet alleen. 10min later begint de Chinese te roepen in haar gsm. Ze staat op, gaat buiten, komt terug en kruipt weer in bed. 1min. Later gaat de deur open en kruipt er nog een Chinese in datzelfde minibed. Wanneer ik diep inadem komt mijn buik voorbij de rand van het bed en zij liggen daar met twee in! Ik vind 5 personen in dit hondenhok iets te veel van het goeie en besluit de vriendelijke controleur even te roepen. Ik denk dat die mens vriendelijk was, mijn Vietnamees is niet zo goed, maar de Chinese die laatst is bijgekomen is dat zeker niet. Met veel misprijzen en handgebaren verdwijnt ze terug uit onze coupé. Eindelijk rust? Nee! Er wordt weer aan onze deur gerammeld en er staan ineens 3 Vietnamezen voor de deur. Jan Thijs riep het al: KOM ER BIJ!!!!! Het is hier precies opendeurdag. Het Vietnamese koppel heeft een klein kindje bij en staat ineens met tickets te zwaaien. De oude Chinese veert recht, pakt haar schoenen en verdwijnt. Bleek dat de vriendelijke controleur ons overgebleven bed onder den toog verkocht had. De vrouw en het kind kruipen in bed, de man verdwijnt en wij gaan slapen. Morgen zijn we op het hoogtepunt van onze reis Sapa! (dachten we toen nog………..)

 

Zaterdag 10/08/2008

Om 2.30u worden we wakker gemaakt met de mededeling dat de trein niet meer verder kan. Ik lag goed te slapen en had niet eens gemerkt dat de trein al gestopt was en het is dan ook met een dwaas hoofd dat ik op onderzoek uit ga. Op 5u tijd heeft de controleur nog altijd geen Engels geleerd dus veel meer dan dat de trein stilstaat kom ik niet te weten. Uiteindelijk komt er iets uit dat lijkt op minibus. We vragen verder en hij bevestigd dat er een minibus in het station staat. We kijken buiten en merken dat we inderdaad ergens in één of ander boerengat zijn terechtgekomen maar geen idee waar we zijn. Het regent pijpenstelen als we alle drie met onze rugzakken op midden in de nacht naar het vermeende station stappen op zoek naar de minibus. In het gebouw wat voor een station moet doorgaan liggen drie mensen te slapen en zij weten niks van een minibus. We zien wel dat het dorp daarachter volledig blank en onder water staat en langzaam komen we tot het besef dat niet de trein in panne staat zoals we eerst dachten maar dat er wel eens een andere oorzaak zou kunnen zijn. We lopen terug naar de trein want van een minibus is geen sprake, kloppen op de gesloten deuren en kletsnat worden we uiteindelijk toch terug binnen gelaten. We gaan maar weer in onze bedden liggen en wachten af. Een uurtje later komen we via via te weten dat we blijven staan tot morgenvroeg  en dan ofwel verder naar Sapa rijden ofwel terug naar Hanoi. De volgende morgen blijven we stilstaan en zitten maar wat voor ons uit te kijken als we zien dat de dorpsbewoners hun kostbaarste bezittingen in veiligheid brengen. Brommers en varkens worden op een geimproviseerd vlot gezet en naar hogere en drogere gebieden gebracht. Bij daglicht wordt de situatie pas echt duidelijk. Het dorp staat volledig onder water, mensen lopen tot aan hun borst in het bruin-gele water en brengen alles weg wat los staat. Ik begin te bellen en bij de touroperator zeggen ze nog altijd dat we moeten blijven zitten. Wat zouden we anders doen???  Ondertussen zijn de toiletten op de trein verstopt en kunnen we niet meer naar het toilet gaan. De wc’s lopen gewoon in het water op de sporen en wanneer je toch moet, moet je naar het toilet op het “station” gaan. De details over dat wc ga ik jullie besparen maar kakkerlakken…… een insectenliefhebber heeft hier een maand eten aan.

 

Om 15.00u begint het spoor naast ons over te stromen en zie je dat iedereen onrustig en ongemakkelijk begint te worden. De helikopters die ondertussen boven ons vliegen en de aangekomen Vietnamese soldaten geven ook niet echt een gerust gevoel. Om 16.00 krijgen we dan het bericht dat we de trein moeten verlaten en dat het leger de evacuatie heeft ingezet. De trein verlaten allemaal goed en wel maar waar naartoe? We hebben niet het flauwste benul waar we zitten. Weer bellen naar de touroperator en hij zegt ons dat we moeten uitstappen en wachten op die 6 andere Belgen van gisteravond die hier ook in één van de andere treinen zitten. We stappen uit en lopen met onze koffers op de rug door het smerige water waar ondertussen alle wc’s van twee treinen in uitgekomen zijn. Zelfs de eerder geziene kakkerlakken zijn al op de vlucht geslagen. De kleur en de geur van dit water zorgen ervoor dat je heel voorzichtig oversteekt want vallen is……ongezond!

We staan voor het gebouw en zien in het dorp de soldaten van het Vietnamese leger op kleine bootjes en vloten de mensen evacueren. Wij blijven rustig wachten want de andere Belgen zijn nog nergens te zien. Wanneer alle treinen leeg zijn staan wij nog braaf te wachten en dat was de grootste fout die we konden maken. In het begin verliep de evacuatie ordelijk en rustig maar nu het donker begint te worden raakt iedereen ongerust en een beetje in paniek. Ik vertrouw het zaakje niet meer en we besluiten om te vertrekken want het water loopt ondertussen al het station binnen. Anouck had dit trouwens al veel eerder voorgesteld maar ik wou weer niet luisteren natuurlijk. Wanneer we staan te wachten wordt er langs alle kanten voorbijgestoken. Mensen komen binnen en duwen iedereen opzij zodat zij vooraan in de rij bij de bootjes komen te staan. Een groep jonge Nederlanders staan te wachten en zij zien ons staan met ons zoontje braaf naast ons. Onder het principe vrouwen en kinderen eerst manen zij ons aan om voor te gaan. (alle respect voor deze groep jonge mensen!!!!) Wij weigeren eerst maar Largo begint nu toch echt een beetje ongerust te worden dus we gaan vooraan staan. Wanneer het volgende bootje er is begint de paniek. Het wordt donker en iedereen wil weg. Een soldaat ziet Largo staan (ik denk dat hij nog het enige kind was) en tilt hem op en zet hem in de boot. Nu is dat bootje niet veel meer dan een grote badkuip dus dat ding begint daar te wiebelen omdat iedereen daar tegelijk wil inspringen. Er wordt geduwd en getrokken, geroepen en getierd maar het ergste is dat Largo in die boot zit en wij niet! Wij weten zelfs niet waar de boot heen gaat. Nu wordt ik ook ongerust. De Ignace Crombé in mij wordt wakker en ik begin ook links en rechts te duwen en te trekken. Uiteindelijk slaag ik erin in de boot te springen, en de soldaat attent te maken op het feit dat de kleine zijn moeder nog aan de kant staat. Anouck wordt er nog ergens tussen gepropt en met 20 in een bootje van 10 ( rugzakken) duwen de soldaten ons het smerige water door. Het zicht is onwerkelijk. Een dorp volledig onder water, woningen die tot 1.5m onder water staan en mensen voor die woningen die rustig en soms zelfs lachend staan te kijken naar die rare toeristen in die boot.

Voorbij het dorp is het iets droger hoewel het nog altijd oude wijven regent. Nu is het omgekeerde een feit. Iedereen duwt en trekt om uit de boot te komen (ze weten niet wat ze willen). Het bootje wiebelt weer dat het een lieve lust is maar Anouck en Largo weten betrekkelijk droog aan de kant te komen. Ik zit nog in de boot en laat iedereen maar uitstappen. Een Frans meisje stapt uit, krijgt een duw valt bijna en kan mij nog net vastgrijpen. Wanneer we de sporen oversteken krijgen we weer duwen en hand in hand steken we de ondergelopen sporen over.

Voila deel 1 gelukt. Maar nu, hier staan we dan. We weten niet waar we zijn of waar we naartoe kunnen. We lopen verder kletsnat en vragen naar een hotel. In dit boerengat is één hotel en dat is natuurlijk al lang volzet. Een jonge Vietnamese komt naar ons en mompelt iets als hotel tegen ons. Blijkt dat zij ons aan een kamer kan helpen. We lopen met haar mee maar als we bij haar thuis komen blijkt dat we op de grond op een matje moeten slapen. Nu had ik altijd graag eens Peking-Express gedaan en bij mensen thuis geslapen maar doorweekt met strontwater en moe en dan nog met een kind erbij probeer ik eerst iets anders. Ik bel naar de touroperator, geef de Vietnamese de gsm en zij kan onze locatie doorgeven. Hij beloofd ons te komen ophalen en in het dorp ernaast een hotel te regelen.  Even later stopt er een jeep die al een tijdje naar ons op zoek bleek te zijn, neemt ons mee en vertrekt. De man rijd de jungle in door straten die volledig onder water staan en stopt bij een volledig ondergelopen gebied. Hij stapt uit en gaat rechts een domein op. Blijkt dat we hier een familie moeten komen redden waarvan het huis en de grond volledig aan het wegstromen zijn. De mensen stappen rustig bij ons in de wagen en verontschuldigen zich zelfs een beetje voor het feit dat ze ons ten last zijn. Alle respect voor de Aziatische kalmte.

Uiteindelijk belanden we ergens god weet waar maar we zijn al blij dat het er droog is. Proper kunnen we niet zeggen want de lakens stinken, er liggen gebruikte condooms op de kamer. Onder mijn bed staan vieze sloeffen enz. maar hé we zijn toch op vakantie!

Na een douche (alweer water) gaan we iets te eten zoeken want dat is ondertussen ook bijna 24u geleden. We krijgen een ei met rijst en Anouck schubben en graten van wat ooit een vis was. We genieten van dit feestmaal en gaan dan maar slapen.

 

Zondag 10/08/2008

Ondanks het ranzige geurtje dat uit de dekens en matras kwam hebben we goed geslapen. We staan op en merken dat we in een mooie omgeving zitten. Prachtige natuur, bomen waaruit je zo het sterfruit kan plukken. Het hotel moet vroeger heel mooi geweest zijn, er staan standbeelden in de tuin, er is een zwembad met water van een onbekende kleur en het hele gebouw heeft een ietwat Indische indruk. Het gebouw zelf is groot en mooi maar zoals alles hier in Vietnam heeft het vochtige klimaat en de constante regenval de muren aangetast zodat ze er nu flets en grauw uitzien. De Vietnamezen zelf liggen er niet wakker van en laten de boel vervallen.

Largo kan zich ondanks het rare kleurtje van het zwembadwater niet inhouden, ziet groen maar echt vuil is het niet, en springt in het zwembad. We kunnen hem niet natuurlijk niet alles ontzeggen het blijft een kind en bovendien weten we niet hoelang we hier vastzitten. Deze morgen hebben we gebeld en de mensen van het touragentschap hebben alvast komende nacht bij gereserveerd voor ons omdat er nog geen ontkomen aan is. Van een plaatselijke gids die Engels spreekt hebben we zelfs vernomen dat er nog meer water op komst is. Largo speelt verder en algauw komen er een paar gestrande Chinese mensen bij. We raken aan de praat, de moeder geeft les aan de universiteit in China, en het valt ons op hoe weinig mensen Belgie kennen, zelfs mensen die gestudeerd hebben moeten we uitleggen dat ons land in Europa ligt tussen Duitsland en Frankrijk (ofwel denken ze dat Belgie de hoofdstad van Brussel is).

Na het sobere middagmaal gaan we even rusten en krijg ik telefoon. We moeten onmiddellijk inpakken en gaan proberen ontsnappen want er is nog veel meer water op komst. Daar gaan we weer. We worden opgehaald met een busje en daarin zitten de 6 Belgen van de vorige dagen. Wat was er nu gebeurt? De touroperator wist niks van het feit dat onze treintickets eerst vergeten waren en dacht dat wij allemaal samen op dezelfde trein zaten. Daarom had hij aan één persoon de gegevens van het hotel doorgegeven. Deze mensen zaten dus in een andere trein en waren al uren eerder langs de achterkant geëvacueerd! Wij hebben dus alle moeite en al die uren in de gietende regen staan wachten terwijl zij al lang weg waren.

Gebrek aan communicatie dus……We vertrekken en onmiddellijk rijd de wagen door ondergelopen straten en modderwegen waarvan we denken dat we er nooit door komen. We stoppen tussen een rij gestrande vrachtwagens en bussen die midden in de modder staan. Een eind verder is een brug over de rivier ingestort en daar moeten wij over een noodbrug. De wagen kan dit natuurlijk niet dus we nemen onze rugzakken op en beginnen te lopen. Het valt weer op hoe rustig en gelaten de Vietnamezen blijven. De gestrande vrachtwagenchauffeurs liggen of hangen in een hangmat onder de vrachtwagen net boven het vieze slijk. We lopen over een paar planken die de noodbrug moeten voorstellen en komen aan een helling waarvan de modder blijft benedenstromen. Hier moeten wij dus naar boven. De chauffeur van de wagen is natuurlijk achtergebleven en hij was de enige die een beetje Engels sprak. We begrijpen dat we naar boven moeten maar weten niet hoever in deze glibberige modderige troep. De Vietnamezen ruiken een zaakje en onmiddellijk staan er mannen met een brommertje klaar om ons naar boven door de smurrie te brengen. We kruipen met onze rugzakken achterop een brommer (ook Largo) en vertrekken. Het is een roteind en we zijn blij dat we deze klim niet te voet moesten doen.

 

Boven staan er 4 jonge gasten bij een busje dat er rijp voor de schroot uitziet en waaraan de wasdraad met kleren bevestigd is. Onder de camionet liggen twee kerels te sleutelen en te kloppen. Dit blijkt onze taxi naar Hanoi te zijn (rit van 5u). We discussiëren nog even over de prijs en uiteindelijk vertrekken we. Het eerste uur rijden we nog over ondergelopen en smerige wegen,we komen door dorpen waar alle elektriciteit weg is en waar alle huizen volledig onder staan maar we rijden wel door een ongelooflijke natuur. Het besef dat ik Sapa en de bergvolkeren niet zal zien komt nu zeker hard aan. Na een helse rit van bijna 5u waarbij de rijstijl van de jonge mannen……spannend te noemen is komen we terug in Hanoi.  Wanneer we uiteindelijk terug in ons hotel zijn lees ik op internet dat er 97 mensen verdronken zijn, toeristen gewond en toeristen die in allerijl alle bagage en koffers hebben moeten achterlaten. Dan pas besef je hoe serieus het eigenlijk allemaal was.

 

 

Maandag 11/08/2008

 

Na de vorige dagen even de toerist uithangen en een stukje eten, drinken en wandelen door de stad die we eigenlijk ondertussen toch al gezien hebben. We slenteren naar het Westelijke meer, bekijken de vissers, drinken op een boot enz.

Later bezoeken we de Tran Quoc-pagode en dit blijkt één van de mooiste pagodes te zijn die ik ooit gezien heb. De pagode ligt op een soort schiereilandje in het meer en is de oudste van Hanoi. Zij wordt “verdediging van het vaderland” genoemd en is zeer populair bij de Vietnamezen. De verzorgde zalen en de mooie vijver met lotusbloemen geven een prachtig zicht, vooral bij zonsondergang. In de hoofdzaal staat een grote zuil waarop Boeddha’s traditioneel boven elkaar zijn opgesteld. Aan weerskanten de beelden van het goed en kwaad. Links is de leeszaal en in het midden van een kleine binnenplaats zien we miniberglandschap met bonsais. Achteraan kan je nog een paar graven bekijk.

Het valt ons op dat dit eigenlijk een mooi geloof is. Mensen komen de pagode binnen, bidden enkele minuten (je kiest zelf hoelang en hoeveel) geven een kleine donatie en zijn weer weg. De vrijheid is veel groter als in ons christelijk geloof waar je op vastgelegde tijdstippen de kerkdienst moet bijwonen en dit voor tenminste een uur.  ‘S avonds eten we een laatste maal in favoriete restaurant de 69. Ik zal die soep missen!

 

Dinsdag 12/08/2008

Vandaag een ongeplande en gratis excursie. Queen travel wou om ons doorgemaakte leed te verzachten van de voorgaande verloren dagen ons een gratis excursie aanbieden. We gaan het drijvende dorp Kenh Ga bezoeken. We hebben voor alle zekerheid een excursie met een boot gekozen, laat het nu maar regenen wij kunnen ertegen!

We rijden een paar uur met de bus naar de Ninh Binh provincie en komen in een streek met adembenemende natuur. Grote karst-rotsen aan de horizon en daartussen kleine riviertjes en groene bergen. We stoppen aan een tempel en in de vijver ervoor liggen twee waterbuffels te…….waterbuffelen zeker.

De tempel is mooi maar na de pagode van Hanoi is deze toch van een mindere schoonheid. De vijver met lotusbloemen is zoals altijd weer goed voor enkele foto’s. We rijden verder en onze gids begint zelf een boel foto’s te nemen. We vragen uitleg en komen bij een heuvel waarop enkele enorme pagodes en tempels gebouwd worden. Eén of andere rijke Aziaat heeft deze laten bouwen en in één van de tempels staat een beeld dat onze gids ons echt wil laten zien.

Na een steile klim over hobbelige en wegen( de site is nog in aanbouw dus….) komen we zuchtend en puffend bij de middelste pagode. Binnenin staat de grootste Boeddha van Zuid-Oost Azie! Meer dan 100TON weegt deze vrolijke jongen en ronddom is het al bladgoud wat blinkt. Blijkt dat de rijke eigenaar van dit project dit allemaal laten bouwen heeft om de goden gunstig te stemmen zodat ze zijn vrouw die aan een ernstige ziekte lijd weer beter laten worden.

Wanneer we nog hoger klimmen komen we in de laatste pagode vanwaar we een ongelooflijk uitzicht hebben op het omliggende landschap. Binnen is het eigenlijk een beetje beschamend. Hier staan nog drie, weliswaar kleinere Boeddha beelden die het verleden, heden en toekomst voorstellen. Uiteraard ook al bladgoud erachter. De zaal zelf is volledig ronddom bekleed met hout waar overal nissen in gemaakt zijn zodat later de volledig omtrek van de pagode kan volgestouwd worden met beelden. Te veel en het geeft dan ook een kitscherige indruk. Wanneer je beneden in de vallei de woningen van de werkmannen bekijkt die dit allemaal moeten bouwen is het verschil immens groot.

We rijden met onze gids even verloren, gaan eten en uiteindelijk komen we dan toch aan de Hoang Long rivier waarna we met een kleine boot naar het drijvende vissersdorp Kenh Ga varen.

In dit dorp met drijvende huizen leven ongeveer 1500 mensen die vooral leven van visvangst en het ontginnen van stenen die ze verkopen aan cementfabrieken. Het mooiste zijn de roeiers van dit dorp die hun boten voortbewegen met hun voeten aan de roeispanen.  Oude mensen zitten voor hun deur die vlakbij het water uitkomt. Kinderen zwemmen in de rivier en mensen vissen, eten of slapen op kleine bootjes.

Bij terugkomst aan wal haalt een oude vrouw haar netten binnen en toont trots haar vangst aan de kinderen in onze groep (de 6 andere Belgen zijn er ook bij). Largo kijkt en neemt een krab in zijn handen maar wanneer de andere kinderen dit doen krijgen ze onder hun voeten van de ouders die dit vies vinden. De kinderen moeten onmiddellijk de handen ontsmetten en ook de oude vrouw heeft in de gaten wat er aan de hand is en kijkt enigszins beledigd. Wanneer je vies bent van iets dat rechtstreeks uit het water komt en van onschatbare waarde is voor de mensen vraag ik me af of je wel klaar bent voor een reis naar een land als dit?

Bij terugkomst in Hanoi gaan we naar het waterpoppentheater. Het traditionele orkest is leuk maar de voorstelling zelf heeft weinig om het lijf. Gewoon een leuk avondje uit. Daarna eten we in het Boutique Café. Een restaurant boven een Kalvin Klein winkel met een uitzonderlijk uitzicht op het Hoan Kiem meer. Dit was onze laatste dag in Hanoi. Morgen vertrekken we richting het midden van Vietnam.

 

 

Woensdag 13/08/2008

 

Vandaag verlaten we Hanoi en nemen het vliegtuig naar Hoi An in het midden van Vietnam.De vlucht vertrekt op tijd en alles verloopt zoals gepland. Ongeveer 1u later landen we in Danang.  We halen onze koffers op en zoals overal staan ook hier de taxi’s te wachten. Van Danang naar Hoi An is een rit

van 35km en tijdens deze rit is al meteen duidelijk dat we in een ander deel van Vietnam zitten. Veel minder verkeer, veel minder brommers en vooral……….veel minder getoeter!!! Zalig!

Of deze rust lang zal duren is maar de vraag want de volledige rit rijden we langs bouwwerven. Op de grote weg van de luchthaven naar Hoi An wordt het ene grote hotel naast het andere gebouwd. Het is hier dan ook een uitstekende plaats. Rustig, mooi, vlakbij zee en een veel beter klimaat. De authenticiteit behouden zal een ander probleem zijn want zelfs een groot aqua-park is in aanbouw.

Ons hotel is veel luxueuzer dan in Hanoi met een leuk zwembad. Gratis internet en een receptie waar perfect Engels gesproken wordt. Men overhandigt ons een brief waarop staat hoe laat men ons morgen komt ophalen om naar het tempelcomplex van My Son te gaan.

Het eerste zwembad van de vakantie dus Largo kunnen we niet stoppen. Zwemmen dus en daarna wandelen door het gezellige en aparte Hoi An.  Het leven in deze stad speelt zich vooral af aan de rivier. Je kan hier ook verschillende stijlvolle huizen bekijken doordat deze stad grotendeels gespaard is gebleven van bombardementen. Hoi An staat bekend om zijn vele kleermakers waar je voor geen geld een kostuum kan laten maken. Nu heb ik in mijn leven nog nooit een kostuum gedragen maar indien het hier echt zo goedkoop is wil ik dit wel eens doen. De eerste winkel is mij nog vel te duur maar enkele straten verder vinden we een winkel met twee heel vriendelijke en goedlachse dames die mij zonder veel gelul een kostuum aan meten. Het passen alleen al was de moeite en ik vindt dit best leuk. De lintmeter die deze dames gebruiken past net rond mijn bovenarmen. Hoe ze mijn buik hebben gemeten weet ik nog steeds niet. De dames zijn nog verdomd goede verkoopsters ook want wanneer we buiten gaan heb ik niet alleen een kostuum besteld maar Anouck ook een lang kleed! Dat gaat lappen geven, morgen moeten we komen passen!  We kopen rijstkoekjes bij een oud dametje op straat, wandelen langs de rivier en eten in restaurant Du Port.

Het restaurant is een klein, groezelig geval met een oud interieur en betonnen (vuile) vloer. Toch is dit een gezellig restaurant aan de oever van de rivier. Ik bestel de vis in bananenbladeren. Terwijl we zitten te wachten zien we ongeveer 20 mensen in en uit de keuken lopen. Het lijken wel opendeurdagen. Het eten komt op tafel en smaakt heerlijk. Blijkbaar is het ook voor één van de uitbaters etenstijd want zij komt gewoon bij ons in het restaurant zitten om te eten. We proberen een gesprek te voeren maar verder dan een paar woorden komen we niet door het taalverschil.

 

 

Donderdag 14/08/2008

 

Om 8u komt onze gids ons ophalen om naar My Son te gaan. De afstand tussen Hoi An en My Son is 70km. We moeten uitstappen bij de site omdat auto’s niet in het heiligdom worden toegelaten. Bij binnenkomst zijn we nog net getuigen van een optreden van een traditionele muziekgroep waarbij een oude man, lid van de Cham-stam blaast op een klein fluitje dat ongelooflijk hoge tonen ten gehore brengt. Daarna komen drie danseressen een traditionele dans uitvoeren en vertrekken we naar het tempelcomplex zelf.

My Son is het belangrijkste Cham heiligdom. De plek werd gesticht aan het eind van de 4e eeuw. Eerst werd alles in hout gebouwd maar vanaf de 7e eeuw werd er steen gebruikt. Iedere nieuwe koning liet nieuwe monumenten bouwen  en onderhield de oude. Na de dood en crematie werden hier de assen van de koningen bewaard. De tempels zijn gebouwd als hulde aan de hindoe goden, vooral Shiva, als dank na bv een overwinning van een oorlog of veldslag. De plaats is moeilijk bereikbaar en werd gekozen om buiten schot te blijven bij een eventuele aanval op de toenmalige hoofdstad van het Cham-rijk. De tempels zijn beschadigt door weer en wind maar vooral door de oorlogen. Vooral de oorlog met Amerika heeft veel verwoest. De site van My Son was een Vietcong-heiligdom en werd daarvoor zwaar bestraft en gebombardeerd door B52 bommenwerpers. Ook werd er veel schade aangericht door mijnen. In principe zijn nu alle mijnen verwijderd maar nog niet zo heel lang geleden moest af en toe een verloren gelopen koe nog haar onwetendheid met de dood betalen. Wegens gebrek aan geld liggen de verdere opgravingen stil.

Onze gids verteld alles over deze mooie en speciale tempelsite en we wandelen rustig verder. Het is hier gloeiend heet en af en toe moeten we echt in de schaduw gaan staan omdat de zon ongenadig brandt.

We bezoeken de verschillende groepen tempels en in sommige kan je binnenin gaan. Het merkwaardige is de manier waarop deze tempels gebouwd zijn. Je ziet geen voegen tussen de stenen. De monumenten van My Son zijn gebouwd met stenen gemaakt uit een mengsel van aarde en olie. Voor ze geplaatst werden, werden ze heel hard tegen elkaar aan gewreven tot ze perfect pasten. Merkwaardige bouwstijl.

Tegen de middag lijken we alle drie op hard gekookte eieren en rijden we terug naar het hotel waar we vliegensvlug in het zwembad duiken. Ook gewoon luieren kan leuk zijn.

’S Avonds gaan we weer wandelen en natuurlijk ons kostuum/kleed passen. Het resultaat mag er best zijn en we amuseren ons door te zwanzen en zeveren met de twee sympathieke kleermaaksters. Wanneer we vertrekken verteld de jongste van de twee ons dat we eens naar het strand moeten gaan want dat er vanavond iets speciaals is. Het strand en de zuid Chinese zee liggen 4km verder dus we huren een taxi en laten ons daar afzetten. Wanneer we op het strand komen zien we allemaal Vietnamezen samen zitten op het strand met pick-nick manden en vooral een hoop lampions en lichtjes. Blijkt dat elke 14e van de maand in Hoi An alle lelijke neonlichten uit moeten en er alleen sfeervolle Chinese lampions en lantaarns mogen branden. Wanneer het donker wordt is het dan ook een mooi schouwspel. De branding van de zee, de ondergaande zon en een strand vol kleine lichtjes. Leuk! We eten op het strand veel te dure en weinig smaakvolle tijger garnalen en nemen de taxi terug naar het hotel.

 

 

Vrijdag 15/08/2008

Vandaag een vrije dag in Hoi An en we hebben gisteren bij onze gids een fietstocht geboekt. Om 8.00u worden we opgehaald en na enig gesukkel met de veel te kleine fietsen vertrekken we. We rijden naar de rivier en zetten onze fietsen aan boord van een boot. We vertrekken en de zon schijnt weer heerlijk over het water. We zien de netten die de vissers op stokken in de lucht hangen om te drogen. We zien echter ook een volledig stuk land, middenin de rivierbedding dat volledig ontbost wordt om er een luxe hotel op neer te zetten. Een klein brugje zal de enige verbinding zijn met het vasteland. Benieuwd of de toeristen die hier gaan verblijven ook weldegelijk aan land zullen gaan en hun hotel zullen verlaten?

Wanneer we in verder varen roept de schipper Largo bij zich en mag hij zelf varen en op aanwijzen van de man de boot besturen. Largo is op 2min tijd 10cm gegroeid van fierheid!

We meren aan na een uur varen en gaan eindelijk fietsen! Onze (vrouwelijke) gids heeft net zoals gisteren in My Son, waar het toch rond de 40graden was, weer een pak kleren aan. Gisteren een jas, gezichtsmasker, hoed en parasol en vandaag heeft ze er zelfs nog een paar handschoenen bij aangetrokken. Blijkt dat het masker niet alleen dient om de uitlaatgassen niet in te ademen zoals ik dacht maar vooral…..om niet bruin te worden!!! Maakt dat de mensen wijs! In ons land betalen vrouwen een fortuin aan zonnebanken en solariums en ginder hebben ze een zonnig klimaat en gaan ze zich volledig bedekken. De redenering is dat de westerse vrouwen het rolmodel spelen voor de Vietnamese vrouwen en de westerse vrouwen zien allemaal relatief bleek. De westerse vrouw is een rijke vrouw en de mensen die op het land of buiten werken zijn de armere mensen en dat zijn dan ook de mensen die snelst bruin worden natuurlijk. Daarom bedekken ze zich zo goed mogelijk zodat er geen zon aan hun lichaam kan en ze bleek blijven. Onze gids haar moeder had zelfs gezegd dat ze vlug moest trouwen voor ze zo bruin zag dat ze niet meer van straat ging geraken! Als er één ding is dat ik geleerd heb tijdens onze reizen is het wel dat de mensen overal anders zijn en dat het nergens goed is: waar ze geen zon hebben klagen ze en waar er zon is…….klagen ze ook.

Fietsen dus maar  na 500m is de pret echter al weer voorbij en gaan we iets drinken. Het lijkt wel een Vlaamse wielerclub. Geen trappist zoals de wielertoeristen in Vlaanderen maar een drankje gebrouwen uit eigen tuin met zelfgeplante groenten. Het is ongelooflijk gezond en zo smaakt het ook! Het is niet te zuip…..drinken!

Dan volgt en wandeling over het land. We zien een oude vrouw in oude lompen het land bewerken onder een loden zon. Hoewel één van de gidsen verteld dat de mannen het zware werk doen zien we enkel vrouwen. Een vrouw loopt met een stok achterop de schouders met 2 gieters eraan. Zij gaat in een bak water staan (met schoenen en al), bukt zich zodat de gieters vollopen en dan gaat ze het land besproeien. Wanneer de gieters leeg zijn begint alles opnieuw.

We bekijken de verschillende gewassen en daarna is het onze beurt. Eerst moeten we een lapje grond omploegen,we doen er zeewier in want dat gebruiken ze hier als bemesting, en gooien het daarna weer dicht. Daarna maken we kleine putjes en planten er basilicum in. Daarna is het mijn beurt om de stok met gieters op de schouders te nemen en de planten te besproeien. Nu had ik net mijn benen geschoren en gemasseerd om te fietsen en nu moet ik zware gieters op mijn schouders nemen.

Na het kwartiertje boer en tuinder spelen hoop ik eindelijk te gaan fietsen maar nee toch! Koken gaan we doen. Ik hou er mij wijselijk tussenuit en Largo & Anouck gaan aan de slag. Eerst moeten ze een hoop groenten en garnalen oprollen en samenbinden met bladeren en daarna worden er een soort pannenkoeken gebakken die eigenlijk veel meer op omeletten lijken. Daarna gaan we aan tafel en worden de zelfbereide gerechten opgeheten. Gelukkig heb ik niet mee gekookt. De pannenkoeken zijn best lekker en largo heeft zich geamuseerd met het omgooien in de pan natuurlijk.

Na het eten eindelijk fietsen! We vertrekken langs smalle wegjes tussen de velden en zien enkele buffels in het water liggen terwijl op het land de mensen aan het werk zijn. Na 1km komen we echter op een grote baan en 10min later zijn we aan het hotel. Dit is een tegenvaller! Teleurgesteld blijven we de rest van de middag aan het zwembad liggen in het hotel.

Na het eten steken we de rivier over en komen op een soort Vietnamese braderie terecht. Oude kraampjes en kermismolens staan hier tussen etenswaren en schoenen. Ik kop mij een paar lederen sandalen voor 2€ en Anouck een paar voor 3€. We kunne weer enkele jaren verder. Ondertussen is het hier een drukte van jewelste aan het worden. Vandaag is het Midherfstfeest. Het feest van de maan wordt hier gevierd de 15e van de 8ste maanmaand. Wat het ook mag zijn, het is vandaag. De mensen hebben hier allemaal pannenkoeken gebakken en de kinderen lopen rond met papieren lampions in de vorm van padden of konijnen. Zij zouden de oorspronkelijke bewoners van de maan zijn. Op de gitzwarte rivier zitten vrouwen in een boot terwijl ze allemaal kleurrijke lampions met binnenin een klein lichtje op het water laten drijven. Terwijl we zitten te eten aan de oever van de rivier genieten we van de drukte en de vele lichtjes.

Het is ondertussen alweer onze laatste dag hier in Hoi An. Morgenvroeg leveren ze ons kostuum/kleed en daarna vertrekken we naar Ho- Chi- Mingh City. Het zuiden van Vietnam is dit.

 

 

Zaterdag 16/08/2008

Vanmiddag een vlucht om 13.00u dus we doen niet veel. Rechtover de deur is een klein restaurantje waar ze het echte typische Vietnamese ontbijt serveren. De Cao Lau. En enorme kom noedelsoep met groenten, kruiden en rundsvlees! Lekker en ik kan jullie vertellen dat wanneer je dit op hebt je voor een paar uurtjes verder kan zonder eten.  Een beetje zwemmen nog en om 10.00u wordt ons kostuum geleverd! We bekijken de eindafwerking nog eens en voor de prijs die we betalen mogen we zeker niet klagen. Ik kan dan ook de volgende tip meegeven:

 

Zoekt u een kostuum of kleed op maat gemaakt dat niet te veel mag kosten (bv om af en toe eens aan te doen of zelfs als souvenier) één adres:

 

DA PHUONG 2 cloth shop

ADRES: Hoang Dieu street 35 Hoi An. Tel: 0935 617753

 

Leuke, eerlijke mensen en de prijs kwaliteit is dik in orde.

 

Onze vlucht verloopt weer voorspoedig en wanneer we in de taxi naar het hotel zitten valt ons op dat de rust al weer ver weg is. Hanoi was druk maar dit is……..geschift!

In Hanoi reden duizenden brommers naast elkaar door de smalle straten maar hier zijn de straten breder met als gevolg dat er duizenden brommers rijden maar allemaal door elkaar en in verschillende richtingen. Voor geen geld van de wereld zou ik hier in een auto willen stappen en zelf rijden!

We komen aan in ons hotel en dat ziet er naar onze smaak veel te chique uit. Piccolo’s in kostuum komen de deur opendoen en helpen je naar je kamer. Achter onze straat is de back-packers wijk en daar zijn allemaal kleine maar propere en gezellige hotelletjes en daar zou ik veel liever liggen.

Ondertussen is het beginnen regenen maar tussen de buien door gaan we toch even wandelen in Ho Chi Mingh City. De stad is verandert van naam maar iedereen spreekt hier toch nog altijd over Saigon. We wandelen naar het park en daar staan tientallen vrouwen bij een oude vals spelende cassetterecorder  fitness te doen. Op westerse muziek bewegen ze vrijuit zonder zich van de mensen rondom iets aan te trekken. Nu zeg ik wel vrouwen maar algauw stond daar ook een jongen tussen natuurlijk. Largo ging ook met zijn buik en kont schudden. Het is wel aangenaam om naar te kijken hoe het leven van de mensen hier zich grotendeels in open lucht en op straat afspeelt. Twee jonge Vietnamezen komen bij ons staan en beginnen in slecht Engels een gesprek met ons. Onze voelsprieten gaan al overeind staan en we verwachten één of andere verkoopstruc maar nee, het zijn gewoon twee jonge mensen die studeren aan de universiteit van Saigon en die de kans grijpen om met ons hun Engels een beetje te oefenen. Largo turnt en voetbalt ondertussen mee (ze voetballen hier met een soort pluimpje) met de plaatselijke bevolking.

Na het park bezoeken we een kleine Chinese markt die grotendeels bestaat uit eetkramen waar je de verse en levende vis eerst kan gaan aanduiden voor hij op je bord komt. Iets te druk voor ons dus we gaan naar de “Tham” street. De back-packer buurt van Saigon. Hier zijn de kleine groezelige bars en restaurantjes. Kleine restaurantjes met een open keuken aan de straatkant waar boven op de eerste verdieping een paar slaapkamers zijn. Gezellige drukte ook.  We eten een niet al te lekkere maaltijd die verspreid over 1u op tafel gebracht wordt en gaan daarna slapen.

 

 

Zondag 17/08/2008

7u opstaan en ontbijten want straks komt een gids ons halen om samen naar de Cu Chi tunnels te gaan.  De gids blijkt een jonge kerel te zijn die heel goed Engels praat. We vertrekken en we krijgen al meteen te horen dat de toer aangepast is. Normaal zouden we een stukje per bus en een stuk per boot doen tot aan de tunnels maar de boot is stuk dus……rijden maar. Het voordeel is echter wel dat we nu vlugger aan het tunnelgebied zullen zij en dus meer tijd gaan over hebben om daar rond te lopen.

We rijden over een grote degelijke baan wanneer de gids ons verteld dat hier één van de meest schrijnende beelden van de Vietnam oorlog gemaakt zijn. Op de plaats waar we nu zijn is de foto gemaakt die iedereen wel kent van het kleine, naakte meisje dat op de vlucht gaat voor de Amerikaanse bombardementen. Later bleek dat het om de 9jarige Kim Phuc ging.

 

Kim was negen toen op 8 juni 1972 bommen vielen op het tempelcomplex waar zij met haar familie schuilde. Zij en haar tante raakten gewond door het kleverige napalm, twee neefjes stierven. Zij waren slachtoffer van wat zo wrang friendly fire heet: de bommen waren per vergissing afgeworpen door uit de koers geraakte piloten van de eigen Zuid-Vietnamese luchtmacht. De journalisten en fotografen die langs Highway 1 de oorlogshandelingen van die dag hadden gevolgd, stonden op het punt naar Saigon terug te rijden toen deze bizarre vergissing zich voor hun ogen afspeelde. Toen Kim er aan kwam rennen, was de Zuid- Vietnamese fotograaf Nick Ut, werkzaam voor het persbureau Associated Press, de enige die nog een filmrolletje in zijn toestel had. Op de redactie scheelde het weinig of de foto was in de prullenbak terechtgekomen, gezien de richtlijn van AP tegen frontal nudity. Toch werd de foto de wereld in gestuurd. Die zou Ut later de Pulitzerprijs bezorgen. "Nick Ut heeft Kim en haar tante naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis gebracht. Haar ouders waren haar uit het oog verloren en wisten niet of ze nog leefde. Op goed geluk zijn ze naar Saigon gegaan en hebben alle ziekenhuizen afgezocht. Toen ze het bijna hadden opgegeven, wees een schoonmaker hen op een houten paviljoen op het achterterrein en zei: 'Daar liggen de kinderen die gaan sterven'." Kim lag daar inderdaad, met derdegraads verbrandingen over bijna een derde van haar lichaam. Ruim een jaar bleef ze in het ziekenhuis en onderging huidtransplantaties. "Thuis probeerde ze het gewone leven van een schoolmeisje weer op te pakken", maar ze bleef veel pijn houden." Het leven onder het communistische regime werd steeds zwaarder. Het noedelkraam van Kims moeder, Nu, die het gezin onderhield, werd onteigend. De familie zakte steeds dieper weg in honger en armoede en zag zich eind jaren zeventig gedwongen te verhuizen naar een ander dorp, vlakbij de Cambodjaanse grens. Daar raakten ze in de greep van alweer een oorlog, een waar ze nóg minder van begrepen, die tussen Vietnam en de Rode Khmer in Cambodja.

Kims foto was in het Westen zo beroemd geworden dat journalisten bij elke herdenking van de oorlog naar haar vroegen. "Het regime begreep dat zij nuttig kon zijn als propaganda. Na de middelbare school wilde ze arts worden, maar ze werd zo vaak van haar studie afgehaald dat ze die moest opgeven. Toch moest ze blijven zeggen dat ze medicijnen studeerde, dat alles heel goed ging. Ze hielden haar aan een touwtje."

Eind jaren tachtig mocht Kim in Cuba gaan studeren. Na een paar jaar vond ze het idee dat ze terugmoest naar die poppenkast in Vietnam onverdraaglijk. Onderweg naar Moskou voor hun huwelijksreis in 1992 vertelde ze haar kersverse Vietnamese echtgenoot met wie ze in Havana was getrouwd, dat zij asiel wil aanvragen tijdens een tussenlanding in Canada, en dat ze hoopt dat hij meegaat. Sindsdien wonen zij in de buurt van Ontario, inmiddels met hun twee zoontjes, en is Kim goodwill-ambassadeur voor de UNESCO, het kinderfonds van de Verenigde Naties. Haar ouders hebben zich bij hen gevoegd. Meteen wordt pijnlijk duidelijk dat we één van de meest gebombardeerde gebieden van Vietnam betreden.

Onderweg maken we een stop bij een werkplaats die opgericht is om de Vietnam-veteranen die in Saigon geen werk meer vonden te helpen. Mannen zitten hier met engelengeduld prachtige kunstwerken te maken met schelpen van eieren enz. De schelpen worden behandeld en geschilderd zodat er later een soort schilderij met een landelijk Vietnamees tafereel overblijft. Precisie en geduld zijn hier vereist! Alles gebeurt hier manueel en met de hand en dat is duidelijk aan de prijs te merken. Het spijt ons echt maar 60€ voor een piepklein kadertje met een foto op is ons te duur.

We stoppen in het tunnelgebied en bekijken een filmvoorstelling die een beeld moet geven van het terrein waar we ons bevinden. Dit gebied staat bekend als de “ijzeren driehoek” samen met een ander gebied vanwege de intense bombardementen maar ook omwille van de hardnekkige strijd en onverzettelijkheid van de anti-amerikaanse strijders. Het gebied is een uitgestrekt net van onderaardse tunnels en gangen met de hand gegraven door de Vietcong om zich te verbergen voor de Amerikanen. Dit moet je echt gezien hebben. Ten eerste om een idee te krijgen van de vindingrijkheid en hardnekkigheid waarmee de Vietnamezen verzet boden met weinig of geen middelen tegen het grote en machtige Amerika. Ten tweede om een idee te krijgen van de ellendige omstandigheden waarin de Vietcong moest leven. Dit gebied ligt in een soort jungle en is daarom één van de meest geteisterde gebieden door bommen, ontbladeringsmiddelen en napalm.

Nadien gaan we onder begeleiding van onze gids op weg. We lopen door het gebied en zien de eerste ingang van een tunnel. Het is onbegrijpelijk hoe smal, klein en eng deze gaten zijn. Largo is een klein kind van 9 en past net in de tunnel. Hoe konden die volwassen soldaten met rugzak en geweer daar ooit in verdwijnen?

De eerste tunnels werden reeds in de jaren 40 gegraven door Vietnamese verzetslui in het verzet tegen de fransen. Zij verstopten er hun munitie in maar gebruikten ze zelf ook om beschutting te zoeken in geval van aanvallen. Eens ze onder grond waren konden ze zich verplaatsen van het ene gehucht naar het andere. De speciale grondsoort in dit gebied was hard om uit te graven maar ideaal om aanvallen te doorstaan en bovendien was het peil van de rivier hier zo laag dat de tunnels niet konden onderlopen.  Later werden de tunnels ook gebruikt in de oorlog tegen de Amerikanen. Het tunnelnet werd zelfs uitgebreid. Van 17 naar meer dan 200km! Een titanenwerk dat werd uitgevoerd door dorpelingen en boeren gesteund door in Zuid-Vietnam geïnfiltreerde communistische officieren. Het gebied was ondertussen een echt Vietnamees bolwerk geworden. In 1965 besliste de Amerikanen dat de rust in deze zone moest hersteld worden. Om het verzet op te rollen werden er in deze streek verschillende bases gebouwd. De Amerikanen bouwden een basis in Cu Chi recht boven de tunnels zonder dat ze het wisten. Nadien stegen vliegtuigen op met de opdracht tonnen ontbladeringsmiddelen, benzine en napalm te droppen boven de rijstvelden en bossen om zo het gebied onbewoonbaar te maken. Wanneer de vegetatie weg gebrand was zaaiden ze een soort gras dat onmiddellijk in brand vloog wanneer er een bom op viel en in zijn brandende weg alles vernielde wat het tegen kwam.

De vijand probeerde dan met Duitse herdershonden te tunnels te ontdekken maar de honden hun reukzin werd misleid door peper en veel honden liepen op mijnen. De soldaten zelf geraakten door hun veel struisere lichaamsbouw niet in de tunnels. Wanneer iemand dan toch in de tunnels of het terrein kwam liepen ze vaal in de gecamoufleerde vallen en valkuilen. De middelen waar de verzetstrijders mee vochten waren primitief zoals bamboestokken, speren en met gif bewerkte pijlen maar dodelijk efficiënt.  Op één dag kreeg deze regio tot 3600 bommen te verwerken en verloren de Vietcong hier 10.000 manschappen.

We komen bij een tunnel die speciaal voor de toeristen iets breder gemaakt is. Anouck gaat niet mee maar ik wel dit best eens vanbin

Beoordeel dit reisverhaal
 
 
 
 
 
Beoordeeld nog niet 

Wil je reageren?



Velden met een * zijn verplicht.

Bewaren

Bekijk alle foto's